De verboden woorden

Blog
  • [niet zeggen hoor]
  • [echt niet]
  • [sssh]

Sommige woorden moet je direct uit je culinaire vocabulaire schrappen. Vermijd de woorden, zoek er een alternatief woord voor of geef het een volledig andere naam – een leugentje om bestwil. Hier een (niet uitputtend) lijstje.

Tofu met garnalen

Zeg nooit – nooit! – dat vanavond tofu op het menu staat. Voor jongens is tofu in het begin de reden om te zeggen: “Ja ze is superleuk, en mooi, en grappig. Ze is alleen wel vegetarisch.” Voor vrouwen ook.

De gulden regel: Ga niet in discussie. Van een gefundeerd: “maar kip is ook niet te eten zonder marinade” tot een wanhopig “probeer het nou eens gewoon, ik vind het toch ook lekker”, het werkt niet.

Als je tofu wilt eten, gooi het er gewoon bij. Zeg tegen de carnivoor dat het fetakaas is, of iets anders wits wat de vriend niet zo goed kan definiëren, maar waarvan hij of zij niet meteen in de verdediging springt. Zoals knolselderij, of verzin een exotische groentenaam. “Oh, dat zijn blokjes puisinie.” Kleine kans dat hij of zij door zal vragen wat het is, en anders zeg je dat het uit Zuid-India komt, of een andere plek waar hij nog nooit geweest is. Gooi er gauw wat marinade overheen en zet het weg in de koelkast.

Vegetarisch

Sanne: “Wat eten we?” Gertje: “Vegetarische pasta.” Sanne (zucht): “Alweer vegetarisch.” Iedere keer dat je vegetarisch zegt om een gerecht te duiden, gooit de ander dat in zijn hersenpan op de grote hoop ‘Geen vlees. Alarm. Saai.’. Dus ook als je de ene keer vegetarische aardappelschotel eet en de andere keer vegetarische rijstschotel, het eerste woordje geeft de selectie. Laat het gewoon weg.

Salade

Salade is geen verboden woord. Dat zou raar zijn. Waak er alleen voor om elke avond salade te zeggen. Couscoussalade. Quinoasalada. Bietjessalade. Voor je het weet wordt je aangezien voor Gillian McKeith, die health-goeroe uit Engeland die meerdere keren werd afgebrand in de Engelse media, waarbij de journalisten zeer fijngevoelig de meest onfortuinlijke foto van haar kozen (en die plaatsten naast een artikel met een blakende Nigella Lawson die een varkenspoot marineert).

Superfood

Ik twijfel een beetje over het verbod op superfood (spreek uit: supehfoeht) Ikzelf word er een beetje kriegel van. Vooral omdat er elke keer weer iets nieuws wordt gebombardeerd tot superfood. Havermout is ook superfood. Boekweit. Werd vroeger verbouwd op de arme gronden van Drenthe, omdat er verder geen snars groeide. Supehfoeeeht.

Maar toegeven, heel veel supehfoeht is heerlijk en supeh voor de lijn. Dus ik struin regelmatig door het superfoodschap en reken enthousiast drie euro zeventig af voor een zakje moerbeien om te ‘kijken of het werkt’.

Ok. Het moge duidelijk zijn (of totaal niet, dat is waarschijnlijk logischer na deze hersenspinsels), ik ben gek op de categorie, niet op de hype. Maar die hype zorgt er wel weer voor dat de categorie uitbreid. Dus eigenlijk ook op de hype.

In ieder geval, gebruik veiligheidshalve niet de term superfood bij de carnivoor. Grote kans dat hij of zij denkt aan hippies die lyrisch selderijsap naar binnenslurpen dat ruikt – en vast ook smaakt – naar geitenpoep. En niet aan voedselproducten met zoveel inhoud dat ze het dier niet zullen missen op het bord.